Start jij aankomend schooljaar met een opleiding waarvoor je studiefinanciering of WTOS (tegemoetkoming schoolkosten) ontvangt? En heb jij een arbeidsbeperking waardoor je niet in staat bent om naast je opleiding te werken? Dan kom jij hoogstwaarschijnlijk in aanmerking voor de Individuele studietoeslag. Met deze studietoeslag wil de overheid bevorderen dat jongeren een opleiding (blijven) volgen. Want het afronden van een opleiding maakt de kans op een baan groter. De toeslag is ook bedoeld voor jongeren die praktijkonderwijs (PRO), clusteronderwijs of onderwijs voor zeer moeilijk lerende kinderen (ZMLK) volgen.
De hoogte van de toeslag is afhankelijk van de leeftijd van de aanvrager en bedraagt per 1 juli 2024 maximaal €359,57 per maand (voor een 21-jarige).
Voorwaarden
Er zijn wel enkele voorwaarden aan de individuele studietoeslag.
- Je woont in de gemeente waar je de aanvraag indient.
- Je bent 15 jaar of ouder.
- Je hebt een medische beperking/handicap.
- Je hoeft niet per se een uitkering te hebben.
- Je hebt geen inkomsten uit (deeltijd)arbeid.
- Je hebt geen Wajong-uitkering.
De studietoeslag vervangt bijverdiensten. Daarom verschilt de hoogte van de studietoeslag per leeftijdscategorie, net zoals bij het wettelijk minimumjeugdloon. Deze bedragen worden ieder halfjaar aangepast. Sinds 1 juli 2024 is de hoogte van de studietoeslag per leeftijdscategorie:
21-jarigen en ouder: € 359,57;
20-jarigen: € 287,66;
19-jarigen: € 215,75;
18-jarigen: € 179,79;
17-jarigen: € 142,04;
16-jarigen: € 124,06;
15-jarigen: € 107,88.
Dit zijn nettobedragen. De studietoeslag is een minimumbedrag dat alle gemeenten moeten uitkeren aan studenten met een medische beperking. Gemeenten mogen per leeftijdscategorie een hoger bedrag vaststellen. De studietoeslag kan daarom per gemeente verschillen.
De studenten die studietoeslag ontvangen en die in het kader van hun studie inkomsten ontvangen uit een stage, behouden deels het recht op de studietoeslag. Als de stagevergoeding meer is dan € 215,75, wordt het deel dat hoger is dan € 215,75 van de studietoeslag afgetrokken.
Voorbeeld: een student krijgt een stagevergoeding van € 250. Dat is € 34,25 hoger dan de genoemde € 215,75. Als de student 21 jaar of ouder is en de standaardtoeslag krijgt, wordt de studietoeslag € 359,57 min € 34,25, dus € 325,32.
Het vermogen van de student of de ouders heeft sinds april 2022 geen invloed op de studietoeslag.


