Geboren worden met een psychische kwetsbaarheid en je altijd anders voelen. Hoe ga je om met dat verdriet, boosheid, eenzaamheid en geluk? In haar tweede dichtbundel “Tastend in het duister” geeft dichter en JongPIT’er Sidy woorden aan wat vaak stil blijft. De worstelingen met mentale gezondheid, de momenten van eenzaamheid en de zoektocht naar licht wanneer alles donker voelt. Over “Tastend in het duister” zegt ze: “Als ik iets te schrijven heb ga ik schrijven, vooral wanneer ik hoog in emoties zit heb ik de drang om iets op te schrijven. Ik had inmiddels al zoveel geschreven dat ik er een bundel van kon maken.” In dit interview vertelt ze hoe dit boek tot stand is gekomen en hoe het schrijfproces is verlopen.
“Hoe ben je begonnen met schrijven?”
“Vooral wanneer ik hoog in emoties zit heb ik de drang om iets op te schrijven. Dan komt er een zin in me op en vervolgens kijk ik wat er zou (kunnen) rijmen of goed klinkt in combinatie met de eerste zin. Ik begin altijd in notitieboekjes, omdat ik het fijn vind om het fysiek te hebben. Maar uiteindelijk was het zo veel dat ik er voor mijn gevoel wel iets mee móést doen. Er staan stukjes die anderen ook kunnen/mogen lezen en waar zij misschien herkenning uit kunnen halen.”
“Is dit werk heel persoonlijk of juist wat minder persoonlijk?”
“Beiden, aan de ene kant is het heel persoonlijk. Mijn gevoel is niet altijd even veelvoorkomend. Aan de andere kant staan er ook stukjes in over toen ik mijn vriend leerde kennen. Mensen zullen daar waarschijnlijk ook wel stukjes in herkennen, bijvoorbeeld het gevoel van (net) verliefd zijn.”
“Vond je het moeilijk om dit uit te brengen?”
“Niet moeilijk, wel spannend. Mensen gaan lezen wat er op je hart ligt en dat is toch wel spannend. Er zijn ook wel stukjes waarover ik niet blij ben dat ik me zo voelde en dat anderen dit hebben gezien bij mij.”
“Zijn er specifieke momenten dat je schreef?”
Als ik verdrietig was vooral, maar ik hoefde niet per se verdrietig te zijn om wat te schrijven. Als ik iets heel intens voel, zoals wanneer ik een paar dagen achter elkaar blij ben of me juist angstig voel, gaat het schrijven het best.”
“Heb je voordat je het uitbracht je gedichten aan anderen laten lezen?”
“Ja, ik heb een instagram account voor stukjes van mijn gedichten. Als ik trots was op een gedicht, stuurde ik het vaak door naar vrienden/familie van dichtbij. Ik sta wel open voor de mening van anderen dus ik hoor ook graag feedback.”
“Toen je het boek voor het eerst in je handen had, wat dacht je toen?”
“Oh my god, dit is gewoon van mij!” Het is heel gaaf om je eigen boek in handen te hebben. Ik had een proefdruk besteld maar daar zaten nog wat fouten in. De tweede proefdruk was gelukkig wel goed. Het is heel bijzonder om te bedenken dat ik dit heb geschreven en dat iedereen het kan lezen.”
“Heb je een gedicht waar je het meest trots op bent?”
“Ik heb er niet specifiek één waar ik trots op ben, er zijn er meerdere waar hoop uit blijft. Omdat ik van mezelf een pessimist kan zijn, zijn de gedichten die wél positief zijn waarschijnlijk ook de stukken waar ik het meest trots op ben.”
“Je schreef ook over je hond?”
“Dat ging over mijn vorige hond, die woont nu bij mijn moeder. Maar toch zou dit ook voor mijn huidige hondje, Pip op kunnen gaan. Ze zijn zo’n knuffelbare factor en kunnen enorm veel liefde geven.”
“Hoe kunnen mensen het best beginnen met schrijven?”
“Het hoeft niet per se te rijmen. Mijn gedichten rijmen ook niet altijd, soms klinkt een woord goed op een ander woord. Leg ook de lat niet te hoog. Schrijf wat je voelt, wat je vindt. Niet iedereen hoeft het te lezen. Als het goed voelt voor jezelf is het oké.”
“Als je sommige gedichten terugleest, hoe kijk je daar dan naar?”
“Soms vind ik het best heftig. Er is één bepaald gedicht dat ik moeilijk vind en mij echt weer terugbrengt naar het gevoel van toen. Dit gedicht probeer ik te ontwijken. Ik besef me ook wel dat het zwaar kan zijn om te lezen. Daarom staat er ook “pas op jezelf” in het voorwoord.”
“Hoe lang heb je erover gedaan?”
“Mijn oudste gedicht is jaar of zes geleden geschreven. Het nieuwste gedicht is een paar maanden oud, ik denk van mei 2025. Je bent niet fulltime aan het schrijven maar dat is het tijdsbestek waarin alles is geschreven. Over het controleren en redigeren heb ik ongeveer een half jaar gedaan.”
“Zit er verandering in je gedichten?”
“Er zit een bepaalde golf in, het ene moment zijn de gedichten hoopvoller dan andere momenten. Er zit niet altijd een stijgende lijn in.”
“Hoe ben je op de voorkant en de titel gekomen?”
“De titel is gebaseerd op één van de gedichten en dit gedicht staat ook in de bundel. Ik vond het wel mooi omdat het, zoeken in het donker naar hoop, naar licht, vertaalt. De cover, deze foto kwam ik tegen van zeven jaar geleden. De coverfoto kwam ik tegen in de fotogalerij van mijn telefoon. Dit is best een oude foto, maar ik vond hem perfect bij de titel passen.”
“Ben je nog van plan om een nieuw deel te schrijven?”
“Ik heb een andere dichtbundel, die is drie keer zo dun als deze. Hierin staan ook best wel wat emotionele gedichten. De laatste tijd heb ik wat minder schrijfinspiratie. Momenteel gaat het wel goed, dus dan schrijf ik ook minder, maar als ik het idee heb dat ik iets moet schrijven dan pak ik uiteraard de pen. Wie weet komt er nog wel een deel drie, maar dat zal niet heel snel zijn. Het heeft natuurlijk ook tijd nodig om te ontwikkelen.”
Tip van Sid:
“Ik denk dat het voor schrijven wel handig als je goed in taal bent, maar je hoeft niet goed te zijn in rijmen. Je wilt iets kwijt. Kras het niet gelijk door, maar laat het staan. Kijk er later nog een keer naar. Als je tot de conclusie komt dat je er niks mee wil dan is dat ook oké.”
“Tastend in het duister” is hier te verkrijgen, bij aankoop via de uitgeverij gaat er €5 per exemplaar naar stichting MIND.


