Rouwen, het is iets waar we vroeg of laat, in meerdere of in mindere mate, allemaal mee te maken krijgen. Wanneer je echter een chronische aandoening en/of beperking hebt, kan dit meer of intensiever voorkomen. In dit artikel vertel ik, Sidy, door welke vormen van rouw je heen kunt gaan. Ook neem ik je mee in mijn ervaringen.
Rouwen om een dierbare
Dit is waarschijnlijk de meest voor de hand liggende vorm van rouw. Wanneer een dierbare van jou overlijdt of je diegene niet meer spreekt/ziet, kan het zijn dat je hierom door een rouwproces gaat. Je kunt dan naast het verdriet dat je voelt, een grote leegte voelen. Vaak voelt het in je lijf/hoofd alsof er iets mist. Maar eerlijk gezegd is dat in deze situatie ook zo. Wel kan het zijn dat je, als je een chronische aandoening en/of beperking hebt, dit (door bijvoorbeeld emotieregulatieproblemen) extra intens beleeft. In de situaties die ik ben tegengekomen als het gaat om rouwen om een geliefde, heb ik de volgende emoties gevoeld:
– Verdriet: Om het feit dat hij/zij/die er niet meer is en ik me erg alleen voel
– Boosheid: Omdat het niet eerlijk is/voelt dat diegene overleden is of op een andere manier weg uit je leven is
– Angst: Bang dat dit gevoel “blijft hangen”. Bang om het zonder diegene te moeten doen of dat er (weer) iemand waar je van houdt overlijdt
Rouwen om gezondheid
Wat misschien nog wel meer van toepassing is met een chronische aandoening en/of beperking, is de rouw om (je eigen) gezondheid. Een voorbeeld is wanneer je later in je leven ziek bent geworden, of laat je diagnose hebt gekregen. Het kan dan zijn dat je boos of verdrietig bent om wat je nu niet (meer) kan. Je leeftijdsgenootjes maken stappen die jij misschien ook zou willen maken. Deze kun jij helaas, door je chronische aandoening en/of beperking niet maken. Het is heel logisch dat je hierom moet rouwen. Geef jezelf hier vooral de tijd voor.
Mijn ervaring met rouw
Zelf heb ik ook ervaring met rouwen en merk ik dat ik (medio januari 2026) meer door een rouwproces ga dan voorheen. Mijn leven zag er zo’n 15 jaar geleden heel anders uit dan nu. Ik voelde me altijd al wel anders dan anderen, maar ik werkte en zat op school. Ik heb zelfs nog op mezelf gewoond. Zo’n tien jaar geleden viel ik echter helemaal om en kon ik niet meer werken. Ook het naar school gaan en op mezelf wonen ging niet meer. Uiteindelijk kwam de diagnose autisme om de hoek kijken en vielen er veel stukjes op zijn plek. Op dit moment woon ik begeleid en is mijn werk voor JongPIT mijn voornaamste dagbesteding. Ook heb ik een (inmiddels behoorlijk lange) lat-relatie. Dit klinkt allemaal heel fijn en dat is het ook zeker, maar er is ook een groot deel rouw bij komen kijken.
Verwachtingen bijstellen
Soms kan het zijn dat je een bepaalde verwachting hebt van hoe je leven eruit gaat zien. Als je een chronische aandoening en/of beperking hebt, moet je deze soms bijstellen. Ook deze, soms moeilijke stap hoort bij het rouwproces. Zelf ben ik aan het rouwen om het feit dat ik niet “echt” op mezelf kan wonen, geen reguliere baan heb en nooit moeder zal worden. Het feit dat mijn leven er zó anders uit ziet dan bij mijn leeftijdsgenoten die trouwen, kinderen krijgen, etc., maakt soms dat ik me nog meer anders voel.
Herkenbaar?
Accepteer alsjeblieft dat dit is hoe je je nu voelt, en dat dit gevoel erbij hoort. Wees niet te streng voor jezelf, rouwen hoort bij het leven en je hebt het recht om te voelen wat je voelt, al is het natuurlijk niet leuk. Wil je hier verder over praten? Dit kan in de JongPIT-community!


