“Bied scholen maatwerk, dan kunnen zij maatwerk bieden aan leerlingen”

Hans Teegelbeckers ziet hoe de beweging richting inclusiever onderwijs geleidelijk vorm krijgt. De beweging om er voor te zorgen dat álle kinderen zich welkom voelen op school. Als directeur van VOS/ABB, de vereniging voor bestuur, management en medezeggenschap in het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs in Nederland, kan Hans deze beweging alleen maar prijzen: “Het is tijd voor waardering van goede voorbeelden.”

In gesprek met Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

Inclusie gaat om gelijkwaardigheid

Hans Teegelbeckers, directeur VOS/ABB

Het openbaar onderwijs heeft één streven: zorgen voor goed en waardevol onderwijs voor iedereen, dus ook voor kinderen met ondersteuningsbehoeften.

Hans: “We zien het liefst dat alle kinderen inclusief naar dezelfde school kunnen gaan, ongeacht religie, fysieke mogelijkheden of wat dan ook. Het gaat om de gelijkwaardigheid tussen kinderen; het maakt niet uit wie je bent, wat je hebt of wat je gelooft. Je bent kind en je leert nieuwe dingen op school – dat is het enige dat telt.”

Voor VOS/ABB, als mede-initiator van de oprichting van het platform Naar Inclusiever Onderwijs, een voor de hand liggend streven. Maar helaas nog zeker niet vanzelfsprekend voor iedereen.

“Inclusieve scholen zijn momenteel beperkt tot ‘goede voorbeelden’ of ‘goede ideeën’. Dat kan in deze tijd niet meer, we moeten er samen voor zorgen dat inclusief onderwijs de regel wordt, niet meer de uitzondering.”

Ruimte geven

In de loop der jaren is er veel veranderd in het onderwijs, ziet Hans. “Toen ik lesgaf in het onderwijs, heb ik gemerkt dat, op het moment dat kinderen met ondersteuningsbehoeften op school kwamen, er gelijk werd gedacht in problemen. Nu kijken we al veel meer naar welke ondersteuning kinderen kan helpen. Zo gingen veel dyslexie-leerlingen jarenlang naar het speciaal onderwijs, terwijl zij nu opbloeien in het regulier onderwijs.”

Maar we zijn er nog niet, vertelt Hans: “We verwachten nog té vaak dat kinderen zich aanpassen aan het bestaande onderwijssysteem. Maar niet iedere leerling kan dit. Dat meisje in de klas met één been loopt misschien minder hard dan een kind met twee benen, maar ook zij gaat die eindstreep halen. Zolang we haar die ruimte maar geven.”

Mindset

Volgens Hans gaat het bij de stappen naar inclusiever onderwijs om een verandering van de mindset in het onderwijsveld.

“We denken vaak dat het aannemen van kinderen met een ondersteuningsbehoefte zorgt voor heel veel extra werk. Maar de crux is dat als we alleen denken dat het veel werk is, het altijd veel werk blijft.

In plaats daarvan is het belangrijk dat wordt gekeken naar de kleine veranderingen, die samen de beweging naar inclusiever onderwijs grote stappen voorwaarts brengen, vertelt Hans. “Maak inclusief onderwijs bespreekbaar op je school, deel goede voorbeelden, neem die ene leerling aan die je anders niet in de klas had gehad.  En geniet van alles dat het je brengt: kinderen die leren dat kinderen niet altijd hetzelfde zijn en elkaar én ons inspireren met hun inzichten.”

De lessen van passend onderwijs

Binnenkort wordt de Wet Passend Onderwijs, die ervoor moet zorgen dat alle kinderen een passende onderwijsplek vinden en ondersteuning krijgen indien nodig, geëvalueerd. In de beweging naar inclusiever onderwijs, neemt Hans lessen mee uit tijd waarin het passend onderwijs werd ingevoerd.

“Toen de Wet Passend Onderwijs kwam, werden er in samenwerkingsverbanden eindeloze discussies gevoerd over de best passende structuur. Daar zijn we deels de aandacht voor kinderen en leerkrachten kwijt geraakt. Er werden dingen beloofd die niet konden worden waargemaakt. Dit roept weerstand op bij scholen die wachten op ondersteuning  die niet komt, terwijl ze leerlingen krijgen waar ze niet op voorbereid zijn. Dit kán niet meer als het gaat om inclusief onderwijs.”

Hans wil dat er in de gesprekken over inclusief onderwijs niet eindeloos wordt gepraat over de structuur, maar dat wordt gekeken naar wat kinderen en leerkrachten nodig hebben. “We moeten het gaan doen, als veld, als school en individu. En dat vraagt om lef en een open systeem.”

Tijd voor waardering én facilitering

En dit open systeem is er nog onvoldoende, volgens Hans. “Met passend onderwijs kregen scholen nieuwe opdrachten, maar geen nieuwe middelen om dit maatwerk te leveren. Dat is gek: een glazenwasser die al jaren de ramen van rijtjeshuizen wast, weet weliswaar heel veel van glazenwassen, maar kan niet met hetzelfde trapje de ramen op acht hoog van een flat wassen. Daar zijn andere faciliteiten voor nodig.”

Ook leden van VOS/ABB hebben in de afgelopen tijd naar eigen manieren gezocht om inclusiever onderwijs te faciliteren. “Hier komen we een heel eind mee.  Maar willen we de beweging naar inclusiever onderwijs voortzetten, dan moet er worden ingezien wat er tot nu toe is gebeurd én moeten we het lef hebben om daarin te investeren. De bekostiging van de faciliteiten die we hebben om inclusiever onderwijs te borgen, is ingewikkeld. Een volgende stap naar inclusiever onderwijs, is het kijken hoe deze faciliteiten kunnen worden bekostigd vanuit het onderwijsbudget, met aanvullende middelen vanuit  de overheid om maatwerk te bieden aan de scholen. Dan kunnen alle scholen maatwerk bieden aan álle leerlingen.”

Geleidelijkheid

Hans ziet de wil groeien, de mindset veranderen en de waardering voor inclusief onderwijs toenemen. Maar we zijn er nog lang niet:

“Er gebeurt gelukkig zo veel rond het onderwerp, maar we moeten deze beweging blijven voeden en waarderen wat er al is bereikt. Vooral de goede voorbeelden delen en bespreekbaar maken waar we tegen aanlopen, en faciliteren waar dit nodig is.”

Wel vanuit gezond realisme, vertelt Hans: “Scholen kunnen niet in één dag volledig inclusief worden, dit gaat geleidelijk. Door gesprekken te starten met stakeholders als de overheid, aandacht te houden voor de huidige knelpunten in het onderwijsveld en vooral te kijken wat we als veld zelf kunnen doen. Onderwijs is moeilijk vast te leggen in wetten, cursussen en opleidingen. Onderwijs is een kwestie van doen. Daarom is het belangrijk dat bijvoorbeeld studenten van de PABO stage lopen op inclusieve scholen. Dat er tijdens de opleiding meer aandacht wordt besteed aan kinderen met beperkingen. Als dit de toekomst is, dan is een goed voorbereiding essentieel. Stapje voor stapje.”

Geen inclusieve scholen, maar gewoon goede scholen

Hans Teegelbeckers heeft één wens voor de toekomst van het onderwijs: “Ik hoop dat we het in de toekomst niet meer hebben over goede voorbeelden van inclusief onderwijs, maar dat we gewoon goede scholen hebben. We zijn al zo goed op weg, laten we die verandering van mindset doorzetten door het inclusief onderwijs dát we hebben te waarderen en dit stapje voor stapje verder te faciliteren. Laten we trots zijn op wat we kunnen en dit delen, want enthousiasme en wil is belangrijker dan passende wetgeving. Geleidelijk creëert de beweging naar inclusiever onderwijs een nieuwe vorm van onderwijs, waar plek is voor ieder kind.” 

Op de hoogte blijven? Volg ons op Facebook, Instagram of Twitter.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top Skip to content