Een gewone school waar inclusie de standaard is

Berdi de Jonge is directeur van de inclusieve basisschool De Korenaar in Eindhoven. Alle kinderen uit de omliggende wijken zijn er welkom. Dat vindt Berdi heel normaal. Toch moet ze vaak vertellen hoe dat in zijn werk gaat, omdat het in Nederland zo bijzonder is. Bij De Korenaar start in principe echt ieder kind. 

“Als jij een kleuter leert dat een kind dat anders is dan jij, opeens niet meer bij jou in de klas zit en naar een andere school gaat, dan leer je de kleuter juist dat we iemand die anders is buitensluiten” 

Berdi

In gesprek met Berdi de Jonge, directeur van basisschool De Korenaar

Thuisnabij onderwijs 

Voor De Korenaar geldt: inclusie is het recht op thuisnabij onderwijs. Alle kinderen uit de wijk gaan samen naar school. Alle culturen, alle sociaal maatschappelijke achtergronden, alle verschillende cognitieniveaus, alle fysieke gesteldheden. Berdi praat daarom liever over ‘inclusie’ in plaats van ‘passend’. Voor haar is ook een duidelijke link te zien met kansenongelijkheid. Inclusie betekent voor haar ook dat iemands achtergrond of het inkomen van de ouders geen reden mag zijn voor mindere kansen. Net zomin als een beperking een reden mag zijn. Inclusie zorgt voor een diverse groep waar kinderen van elkaar kunnen leren. Kinderen die het thuis breed of minder breed hebben, kinderen wiens ouders goed of minder goed Nederlands spreken, kinderen met of zonder een beperking. Door met elkaar in aanraking te komen, vergroot je de de leefwereld van ieder kind.   

Mediërend leren  

Deze visie dragen  alle werknemers van de school. Dat is langzaam zo ontstaan. Twintig jaar geleden waren ze op De Korenaar al bezig met het bieden van thuisnabij onderwijs voor de kinderen uit hun wijken. Sindsdien is een team ontstaan, waar iedereen achter dit principe staat en zich daar ook graag voor inzet. Iedereen volgt een driejarige training in mediërend leren. Hierbij is het uitgangspunt dat elk kind kwaliteiten en ontwikkelingskansen heeft. Doordat iedere leerkracht deze training volgt, spreken ze dezelfde taal. Berdi is ervan overtuigd dat iedere leerkracht het in zich heeft om inclusief onderwijs te willen geven, met de juiste facilitering.  

Berdi hoort vaak het schrikidee van scholen dat, wanneer zij beslissen het volgende schooljaar een inclusieve school te worden, ze dan opeens een speciale school moeten zijn. Een school met kinderen met allerlei verschillende ondersteuningsbehoeften. Waar dan niet de juiste zorg en ondersteuning gegeven kan worden. Maar, zo stelt Berdi, de school start met dezelfde kinderen die voor de zomervakantie al op school zaten. Alleen het aannamebeleid wordt anders. Langzaamaan wordt daardoor het aantal kinderen met een ondersteuningsbehoefte groter. Op die manier wordt de basis uitgebreid en is er steeds meer kennis op de school zelf. 

Ontwikkelingsgericht schoolteam 

Het is te vergelijken met wat gebeurde tijdens de coronacrisis. Opeens konden leerlingen niet meer naar hun school. Er moest snel geschakeld worden en dan blijkt opeens veel mogelijk. Zo kan een inclusieve school ook starten, meent Berdi. Door samen de uitdaging aan te gaan en met elkaar te zeggen: wij willen dat alle kinderen uit de buurt naar onze school kunnen. Dat is eenzelfde soort vraag als: ‘wij willen onze leerlingen onderwijs blijven bieden, ook al kunnen ze niet fysiek naar school toe komen’. Berdi is van mening dat met een ontwikkelingsgericht schoolteam, elke school inclusief kan worden.  

Kind leidend in plaats van systeem 

Berdi ziet nog wel een taak voor de overheid om dit mogelijk te maken. Het kost haar steeds meer moeite om de financiering voor de extra ondersteuning en zorg op school rond te krijgen. Zij krijgt namelijk geen extra financiering voor de kinderen die anders naar het speciaal onderwijs zouden zijn gegaan. In het speciaal (basis) onderwijs wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft aan ondersteuning en daarvoor wordt budget vrijgemaakt om de juiste zorg en onderwijs te kunnen bieden. Berdi pleit ervoor dat dit ook mogelijk wordt binnen het reguliere systeem. Zij zegt daarover: “Het geld zou het kind moeten volgen. Nu is het nog afhankelijk van de plek waar ze terechtkomen. Terwijl elk kind dezelfde kansen verdient. Dat zou veel beter in ons systeem verankerd moeten zijn.” 

 



In het kader van de Inclusief Onderwijs Maand ontvangt Berdi de Jonge (directeur inclusieve basisschool de Korenaar) vandaag samen met  Femke van Zoggel (JongPIT) en Dolf van Veen (hoogleraar en oprichter Platform naar Inclusiever onderwijs) online bezoek van de Tweede Kamerleden op de inclusieve basisschool De Korenaar. Samen laten zij aan hen zien wat inclusief onderwijs op die school betekent en welke beweging naar inclusief onderwijs er in Nederland gaande is
.

online werkbezoek
^ Online werkbezoek

Op de hoogte blijven? Volg ons op Facebook, Instagram of Twitter.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top Skip to content